Een beperkte maar betekenisvolle opening

De minister liet verstaan dat hij voor de volgende periode van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) wil onderzoeken of een beperkte lijst van gespecialiseerde machines, zoals precisietechnologie en vul- en spoelplaatsen, ook toegankelijk kan worden voor loonwerkers. Voor de huidige GLB-periode, die loopt tot 2027, blijft de uitsluiting van kracht. De financiële ruimte ontbreekt simpelweg, zo gaf Brouns aan, en een uitbreiding zou de Europese resultaatsindicatoren onder druk zetten.

De juiste rol voor loonwerkers in een verduurzamende sector

Johan Van Bosch van de sectorfederatie van de loonwerkers reageert positief maar voorzichtig: het is een eerste stap in de goede richting, al is een gelijk speelveld nog niet bereikt. Hij gaf daarbij ook mee dat afschaffen van VLIF-steun voor machines voor iedereen misschien een alternatieve piste is om dat gelijke speelveld te bereiken.

Die redenering sluit aan bij mijn eigen standpunt in de commissie:

"Ik stel me de vraag of subsidies voor iedereen het juiste antwoord is. Met de nieuwe technologie die op ons afkomt en die volop in ontwikkeling is, zoals precisielandbouw, drones en nieuwe toestellen om duurzamer te werken op het veld, is het ergens logisch dat we de loonwerkers een belangrijke plaats geven in het geheel. Dergelijke machines worden duurder. Ze kunnen enkel rendabel werken als ze zo veel mogelijk terrein bewerken en als ze zo veel mogelijk uren draaien tijdens het seizoen. Ze mogen niet het grootste deel van de tijd in een schuur staan en maar beperkt worden ingezet. Zeker als ze betaald worden met belastinggeld, moeten ze zo efficiënt mogelijk worden ingezet."

De richting is duidelijk: loonwerkers verdienen een doordachte en eerlijke plaats in het verhaal van de verduurzaming van onze landbouwsector. Het debat is nog niet afgesloten, maar de deur staat nu op een kier.

Lees het volledige artikel op Landbouwleven.be.