Beschermd, maar schadelijk

Kraaiachtigen vallen onder het Soortenbesluit en zijn in principe beschermde dieren. Een bestrijdingsvergunning aanvragen kan in theorie, maar de lat ligt hoog. Schade moet aantoonbaar zijn, en bovendien komen enkel maïsgewassen en fruitteelt in aanmerking. Schade aan granen, peulgewassen of andere gewassen geeft geen recht meer op een vergunning. Daarbovenop moet worden aangetoond dat alle preventieve maatregelen al zijn uitgeput.

De aanleiding voor de verstrenging ligt deels in Europa: na vragen vanuit de EU over de omvang van de kraaibestrijding in Vlaanderen en Wallonië, bleek de vroegere, soepelere aanpak niet volledig in lijn te zijn met de Europese Vogelrichtlijn. Die biedt weliswaar de mogelijkheid om de zwarte kraai en de ekster bejaagbaar te maken in België, maar daar werd tot nu toe nooit voor gekozen. Dat betekent dat de strengere regels voor beschermde soorten van toepassing blijven.

Geen concrete schadegegevens

Wat me in dit dossier opvalt, is dat er voor Vlaanderen geen betrouwbare, globale cijfers bestaan over de omvang van de schade door kraaiachtigen. Minister Brouns erkende dat zelf. Uit een veldexperiment dat ANB in 2022 uitvoerde, bleek het schadebeeld bovendien zeer divers: het ene perceel kan zwaar getroffen zijn, terwijl het naastgelegen perceel nauwelijks last heeft. Die onvoorspelbaarheid maakt het voor landbouwers dubbel frustrerend.

Om daar verandering in te brengen, is dit jaar een vervolgonderzoek opgestart waarbij meer maïspercelen worden gemonitord en ook schade aan fruitteelt in kaart wordt gebracht. De resultaten worden begin 2026 verwacht. Op basis daarvan kan het vergunningenbeleid mogelijk bijgestuurd worden.

Meld schade via Wild in Zicht

In afwachting roept minister Brouns landbouwers nadrukkelijk op om schade te melden via de applicatie Wild in Zicht van de Vlaamse overheid. Hoe meer concrete meldingen, hoe beter de administratie de werkelijke omvang van het probleem kan inschatten en hoe sterker de onderbouwing voor eventuele beleidsaanpassingen.

Ik blijf dit dossier opvolgen. Kraaiachtigen veroorzaken niet alleen schade aan gewassen, maar hebben via nestpredatie ook een negatief effect op zangvogels en andere kwetsbare vogelsoorten. Gerichte beheersmaatregelen kunnen dus een dubbele meerwaarde hebben: voor de landbouw én voor de biodiversiteit. Maar daarvoor is een goede balans nodig tussen populatiebehoud en de reële problemen op het terrein. De wetenschappelijke onderbouwing die nu wordt opgebouwd, is daarvoor een noodzakelijke eerste stap.

Lees het volledige artikel op Landbouwleven.be.